Definitie
Value at Risk schat het maximale verlies dat een portefeuille over een periode niet overschrijdt bij een gekozen betrouwbaarheid.
Samengevat in 10 seconden
Value at Risk (VaR) is een risicomaatstaf die schat hoeveel een portefeuille over een bepaalde periode maximaal verliest bij een gekozen betrouwbaarheid. Een VaR van 10.000 euro op één dag bij 95% betekent: in 95 van de 100 dagen blijft het verlies onder die 10.000 euro. Het zegt niets over hoe diep het verlies in de overige 5 dagen kan worden.
Value at Risk samengevat
- VaR vat het verliesrisico samen in één bedrag of percentage
- Drie keuzes bepalen het getal: tijdshorizon, betrouwbaarheidsniveau en portefeuilleomvang
- Het is een drempel, geen maximum: voorbij die drempel zegt VaR niets
- Banken en beleggingsinstellingen gebruiken het om risico te bewaken en te rapporteren
- De aannames achter de berekening bepalen hoe bruikbaar de uitkomst is
Wat Value at Risk precies meet
VaR beantwoordt één vraag: hoe groot is een verlies dat je met een afgesproken zekerheid niet overschrijdt? Het antwoord is altijd gekoppeld aan twee getallen. Het eerste is de periode — vaak één dag, tien dagen of een jaar. Het tweede is het betrouwbaarheidsniveau, meestal 95% of 99%.
Een voorbeeld maakt het concreet. Stel, een portefeuille heeft een 1-daagse VaR van 25.000 euro bij 99%. De lezing is dan: op 99 van de 100 handelsdagen blijft het verlies kleiner dan 25.000 euro. Op ongeveer één dag van de honderd kan het groter zijn. Hoeveel groter, daar doet VaR geen uitspraak over.
Dat onderscheid is de kern. VaR is een grenswaarde, geen plafond. Het beschrijft waar de staart van de verliesverdeling begint, niet hoe ver die staart reikt.
Hoe het getal tot stand komt
Er zijn drie gangbare manieren om VaR te berekenen, en ze leiden zelden tot exact hetzelfde getal.
| Methode | Werkwijze | Sterke kant | Zwakke kant |
|---|---|---|---|
| Variantie-covariantie | Gaat uit van een normale verdeling van rendementen | Snel te rekenen | Onderschat extreme uitschieters |
| Historische simulatie | Past werkelijke koersbewegingen uit het verleden toe | Geen verdelingsaanname nodig | Leunt zwaar op de gekozen periode |
| Monte Carlo-simulatie | Genereert duizenden willekeurige scenario's | Flexibel, ook voor complexe producten | Rekenintensief en modelgevoelig |
Elke methode neemt rendementen, hun schommeling (volatiliteit) en de samenhang tussen posities als invoer. Bij een portefeuille met meerdere beleggingen telt ook de correlatie mee: bewegen posities niet gelijk op, dan dempt diversificatie de gezamenlijke VaR. Het eindgetal is dus geen natuurkundige constante maar de uitkomst van keuzes en aannames.
Waarvoor beleggers en instellingen het gebruiken
VaR begon als interne risicomaat bij banken en groeide uit tot een standaard in toezicht en rapportage. Een handelaar kan er een limiet aan koppelen: gaat de dagelijkse VaR boven een grens, dan moet de positie kleiner. Een beheerder vergelijkt er fondsen mee, of bewaakt of het totale risico binnen het mandaat blijft.
Voor de particuliere belegger is VaR minder gebruikelijk in dagelijks gebruik, maar het idee erachter is herkenbaar. Wie wil weten hoeveel een portefeuille op een slechte dag kwijt kan raken, denkt feitelijk in VaR-termen. Het vertaalt een abstract begrip als "risico" naar een bedrag in euro's.
In Nederland houdt De Nederlandsche Bank (DNB) toezicht op de soliditeit van banken en verzekeraars, terwijl de AFM let op gedrag en informatieverstrekking richting beleggers. In België vervult de FSMA de gedragsrol; consumenteninformatie loopt onder meer via Wikifin. Risicomaatstaven zoals VaR spelen een rol in de kapitaaleisen waarop deze toezichthouders sturen.
Verschil met volatiliteit en drawdown
VaR wordt vaak in één adem genoemd met andere risicobegrippen, maar het meet iets anders. Volatiliteit beschrijft hoe sterk rendementen schommelen, naar boven én naar beneden. VaR kijkt alleen naar de verlieskant en hangt aan een concreet bedrag. Een maximale drawdown is weer iets anders: dat is het grootste werkelijke verlies van top tot dal dat al heeft plaatsgevonden, terwijl VaR een vooruitkijkende schatting is.
Die schatting is precies waar de zwakte zit. VaR is zo goed als het verleden en het model waarop het rust. In rustige markten oogt een laag VaR-getal geruststellend, terwijl het juist een onderschatting kan zijn van wat een schok aanricht.
Beperkingen en valkuilen van VaR
De grootste valkuil is de schijnzekerheid. Eén getal voelt exact, maar verbergt aannames over verdeling, periode en correlatie. Verandert het marktgedrag, dan klopt de oude VaR niet meer.
Een tweede punt: VaR zegt niets over de omvang van het verlies vóórbij de drempel. Juist die staart — een beurskrach, een liquiditeitsschok — richt de grootste schade aan. Hiervoor bestaat een aanvullende maat, de Expected Shortfall, die het gemiddelde verlies in dat staartgebied schat.
Tot slot is VaR gevoelig voor de gekozen periode bij historische simulatie. Een meetvenster zonder grote dalingen levert een geruststellend laag getal op dat in een crisis onbruikbaar blijkt. Deze uitleg is educatief en geen beleggingsadvies (AFM/MAR).
Veelgestelde vragen over value at risk
Een 1-daagse VaR van 5.000 euro bij 95% betekent dat het verlies op 95 van de 100 dagen onder die 5.000 euro blijft. Op ongeveer vijf dagen van de honderd kan het hoger uitvallen.
Nee. VaR is een drempel die met een gekozen zekerheid niet wordt overschreden, geen absolute bovengrens. Het werkelijke verlies in de slechtste gevallen kan er fors bovenuit komen.
Banken en beleggingsinstellingen zetten VaR in om handelsrisico's te bewaken, limieten te stellen en aan toezichthouders zoals DNB te rapporteren. Het maakt uiteenlopende posities vergelijkbaar in één risicogetal.
Meestal 95% of 99%. Hoe hoger het niveau, hoe groter het VaR-bedrag, want je dekt dan een groter deel van de mogelijke verliezen af.
Kennischeck
Test je kennis
Beantwoord 5 korte vragen om deze les af te ronden.
Je hebt minstens 4 goede antwoorden nodig.
Bronnen
- www.afm.nl/nl-nl/consumenten — **AFM — consumenteninformatie over beleggen**