Definitie
Seigniorage is het verschil tussen de waarde van geld en de kosten om het te maken; zo verdient een staat of centrale bank aan geldcreatie.
Samengevat in 10 seconden
Seigniorage is het voordeel dat een staat of centrale bank behaalt door geld uit te geven: het verschil tussen de nominale waarde van het geld en de kosten om het te produceren en in omloop te brengen. Staat er 50 euro op een biljet dat een paar cent kost om te drukken, dan is dat verschil de seigniorage. Het is een van de oudste manieren waarop overheden inkomsten halen uit hun recht om geld te maken.
Seigniorage in het kort
- Seigniorage is de winst op het uitgeven van geld: nominale waarde min productiekosten
- Bij munten en biljetten is dat verschil meteen zichtbaar; bij modern centralebankgeld loopt het via rente-inkomsten
- Het muntrecht (recht om geld uit te geven) ligt bij de staat of de centrale bank
- In de eurozone loopt seigniorage via het Eurosysteem en vloeit het saldo via de nationale centrale banken terug naar de schatkist
- Te veel leunen op seigniorage voert de geldhoeveelheid op en kan inflatie aanjagen
Wat seigniorage precies betekent
De term komt uit het oude muntrecht: de heerser (de seigneur) liet munten slaan en hield het verschil tussen de waarde van de munt en de kosten van het metaal en het slaan. Dat verschil is de kern die tot vandaag overeind staat. Wie het wettelijke recht heeft om geld in omloop te brengen, kan dat geld voor minder maken dan het waard is in het handelsverkeer.
Bij fysiek contant geld is dit het makkelijkst te zien. Het materiaal, de druk en de distributie van een biljet kosten een fractie van wat er op staat. Het verschil is winst voor de uitgever. Bij munten ligt het soms anders: een muntje van lage waarde kan in materiaal en productie bijna evenveel kosten als het waard is, waardoor de seigniorage klein of zelfs negatief wordt.
Belangrijk: seigniorage is geen verzonnen geld dat zomaar verschijnt. Het is een reëel voordeel dat de uitgever incasseert in ruil voor het verstrekken van een betaalmiddel dat de samenleving gebruikt.
Hoe seigniorage werkt bij een moderne centrale bank
Tegenwoordig bestaat verreweg het meeste geld niet uit biljetten en munten, maar uit digitale tegoeden. Een centrale bank brengt geld in omloop door bezittingen te kopen — staatsobligaties bijvoorbeeld — en betaalt daarvoor met nieuw gecreëerd geld. Op die bezittingen ontvangt de bank rente. De productiekosten van het geld zelf zijn vrijwel nul.
Die rente-inkomsten, verminderd met wat de bank zelf aan rente betaalt en met haar kosten, vormen de moderne vorm van seigniorage. Het is dus niet langer alleen het simpele verschil tussen drukkosten en bedrukte waarde, maar een stroom van inkomsten die voortkomt uit het bezit van rentegevende activa die met nieuw geld zijn gefinancierd.
| Vorm | Waar de winst vandaan komt | Zichtbaarheid |
|---|---|---|
| Munten en biljetten | Nominale waarde min materiaal- en productiekosten | Direct af te lezen aan het verschil |
| Digitaal centralebankgeld | Rente op gekochte activa min eigen rentelasten en kosten | Verloopt via de jaarwinst van de centrale bank |
| Inflatiebelasting | Reële waardedaling van bestaand geld door extra geldcreatie | Indirect, gedragen door alle geldbezitters |
De winst die overblijft, wordt in veel landen afgedragen aan de overheid. Zo werkt seigniorage uiteindelijk als een inkomstenbron voor de staat, zonder dat er formeel belasting wordt geheven.
Seigniorage en de inflatiebelasting
Er is een schaduwkant die los staat van drukkosten of rente. Wanneer een centrale bank veel extra geld in omloop brengt om de overheid te financieren, neemt de hoeveelheid geld sneller toe dan de hoeveelheid goederen en diensten. Het bestaande geld wordt daardoor minder waard.
Economen noemen dit de inflatiebelasting. Iedereen die geld aanhoudt, levert via prijsstijging een stukje koopkracht in, terwijl de uitgever het verse geld tegen volle waarde uitgeeft. Stijgt de inflatie, dan financiert de geldbezitter in feite mee. In landen met een gezond monetair beleid speelt dit een ondergeschikte rol; in landen die hun tekorten structureel met de geldpers dichten, kan het ontaarden in hoge inflatie of zelfs hyperinflatie.
Seigniorage in de eurozone en de Nederlandse en Belgische context
In de eurozone is het muntrecht overgedragen aan het Eurosysteem: de Europese Centrale Bank samen met de nationale centrale banken, waaronder De Nederlandsche Bank (DNB) en de Nationale Bank van België. De seigniorage uit de uitgifte van euro's en de bijbehorende activa wordt binnen dat systeem verdeeld en het resultaat vloeit via de nationale centrale banken terug naar de respectieve overheden.
Voor een particuliere belegger is seigniorage geen product om in te beleggen, maar een achtergrondbegrip. Het helpt begrijpen waarom centrale banken winst kunnen maken op geldcreatie, hoe overheidsfinanciën en monetair beleid met elkaar verweven zijn, en waarom de geldhoeveelheid relevant is voor inflatie. Verwar seigniorage niet met de inflatie zelf: seigniorage is het voordeel van het uitgeven, inflatie is een mogelijk gevolg van te veel uitgeven.
Waarom seigniorage voor beleggers relevant is om te kennen
Wie de stroom rente-inkomsten van een centrale bank kent, snapt beter waarom haar resultaat schommelt met het rentebeleid. Daalt de waarde van de gekochte activa of stijgen de eigen rentelasten, dan kan de seigniorage zelfs omslaan in een verlies — iets wat centrale banken in periodes van snel gestegen rente hebben ervaren. Houd verder in gedachten dat seigniorage een grens kent: een overheid die er te zwaar op leunt, riskeert inflatie die de koopkracht van spaarders en beleggers uitholt. Dat raakt de reële opbrengst van obligaties en spaargeld. Deze uitleg is educatief en geen advies.
Veelgestelde vragen over seigniorage
Niet helemaal. Geld bijdrukken is het uitgeven van nieuw geld; seigniorage is het voordeel dat de uitgever daarbij behaalt — het verschil tussen de waarde van dat geld en de kosten om het te maken.
Het muntrecht ligt bij het Eurosysteem (ECB plus de nationale centrale banken, waaronder DNB en de Nationale Bank van België). Het resultaat vloeit uiteindelijk via die nationale banken terug naar de overheid.
Ja. Een muntje van lage waarde kan meer aan materiaal en productie kosten dan het waard is, en een centrale bank kan verlies lijden als haar rentelasten hoger uitvallen dan de rente op haar activa.
Inflatie is een mogelijk gevolg, geen synoniem. Wordt er veel geld gecreëerd voor seigniorage, dan kan de geldhoeveelheid sneller groeien dan de economie, waardoor bestaand geld minder waard wordt — de zogenoemde inflatiebelasting.
Kennischeck
Test je kennis
Beantwoord 5 korte vragen om deze les af te ronden.
Je hebt minstens 4 goede antwoorden nodig.
Bronnen
- www.afm.nl/nl-nl/consumenten — **AFM — consumenteninformatie over beleggen**