Relative Strength Index (RSI) uitgelegd

5 min lezenLaatst bijgewerkt: 20 juni 2026

Definitie

De Relative Strength Index is een momentum-indicator van 0 tot 100 die laat zien hoe snel en sterk een koers recent is gestegen of gedaald.

Samengevat in 10 seconden

De Relative Strength Index (RSI) is een momentum-indicator die op een schaal van 0 tot 100 weergeeft hoe snel en hoe sterk een koers de afgelopen periode is gestegen of gedaald. Een hoge waarde betekent dat de stijgingen recent overheersten, een lage waarde dat de dalingen domineerden. Beleggers gebruiken de RSI vooral om te beoordelen of een koers ver is doorgeschoten.

Relative Strength Index samengevat

  • De RSI is een getal tussen 0 en 100 dat recent koersmomentum meet
  • Boven 70 heet een waarde vaak "overbought", onder 30 "oversold"
  • De standaardberekening kijkt naar de laatste 14 handelsperiodes
  • Het is een indicator, geen voorspelling: een hoge RSI kan lang hoog blijven
  • De RSI zegt iets over de snelheid van koersbewegingen, niet over de waarde van een bedrijf

Wat de Relative Strength Index meet

De RSI vat één vraag samen in een enkel getal: zijn de koersstijgingen of de koersdalingen recent in de meerderheid geweest, en hoe nadrukkelijk? De indicator vergelijkt de gemiddelde winst op stijgingsdagen met het gemiddelde verlies op dalingsdagen over een vaste periode. Wegen de stijgingen zwaar door, dan klimt de RSI richting 100. Overheersen de dalingen, dan zakt hij richting 0.

Belangrijk is wat de RSI níét doet. Hij zegt niets over de winst, de schuld of de waardering van een onderneming. Het is puur een afgeleide van de koers zelf. Een aandeel met een prachtig bedrijfsmodel kan een lage RSI hebben na een verkoopgolf, en een zwak bedrijf een hoge RSI na een opleving. De indicator beschrijft beweging, geen kwaliteit.

De berekening stap voor stap

De formule luidt: RSI = 100 − (100 / (1 + RS)), waarbij RS staat voor de relative strength: de gemiddelde koerswinst gedeeld door het gemiddelde koersverlies over de gekozen periode. Standaard wordt die periode op 14 gezet — vaak 14 dagen, maar het kunnen ook uren of weken zijn, afhankelijk van de grafiek.

Stel, je telt over 14 dagen alle stijgingen op en deelt door 14: dat is de gemiddelde winst. Hetzelfde doe je met de dalingen voor het gemiddelde verlies. Is de gemiddelde winst twee keer zo groot als het gemiddelde verlies, dan is RS gelijk aan 2. Ingevuld geeft dat: 100 − (100 / 3) ≈ 66,7. Zijn winst en verlies even groot, dan is RS gelijk aan 1 en komt de RSI exact op 50 uit. Vandaar dat 50 vaak als het neutrale midden geldt.

Een kortere periode (bijvoorbeeld 7) maakt de RSI beweeglijker en gevoeliger voor losse dagen. Een langere periode maakt hem trager en gladder.

Hoe je de waarden leest

De getallen krijgen pas betekenis als je ze in zones verdeelt. De drie meest gebruikte drempels zien er zo uit:

RSI-waardeGangbare interpretatieWat het suggereert
Boven 70OverboughtStijgingen hebben recent sterk gedomineerd
30 tot 70Neutraal gebiedGeen uitgesproken momentum, 50 als middellijn
Onder 30OversoldDalingen hebben recent sterk gedomineerd

De termen overbought en oversold zijn beschrijvend, geen koop- of verkoopinstructie. Ze geven aan dat een koers in korte tijd ver in één richting is bewogen. Of daarna een ommekeer of juist een voortzetting volgt, vertelt de RSI niet.

Waarvoor beleggers de RSI gebruiken

In de technische analyse dient de RSI doorgaans drie doelen. Ten eerste het signaleren van uitersten: een waarde boven 70 of onder 30 trekt de aandacht naar een koers die mogelijk is doorgeschoten. Ten tweede het herkenen van divergentie. Maakt de koers een nieuwe top maar bereikt de RSI géén nieuwe top, dan loopt het momentum achter op de prijs — een teken dat de beweging aan kracht verliest. Hetzelfde geldt omgekeerd bij dalingen.

Ten derde gebruiken sommigen de 50-lijn als grove scheiding tussen een opwaartse en een neerwaartse fase. Boven 50 houden stijgingen de overhand, eronder de dalingen.

Een praktijkvoorbeeld: een index klimt drie weken op rij en de RSI loopt op naar 78. De koers blijft stijgen, maar de RSI zakt bij de volgende top terug naar 71. Die divergentie laat zien dat de opmars dunner wordt gedragen dan eerst, ook al staat de prijs nog hoger. Wat een belegger daar vervolgens mee doet, is een eigen afweging.

Valkuilen bij het gebruik van de RSI

De grootste denkfout is de RSI als zelfstandig signaal behandelen. In een krachtige opwaartse trend kan de indicator wekenlang boven 70 blijven plakken zonder dat de koers daalt — wie "overbought" als verkoopmoment leest, stapt dan te vroeg uit. In een scherpe daling geldt het spiegelbeeld onder 30.

Daarnaast verandert de betekenis met de gekozen periode en het type grafiek. Een RSI van 25 op een uurgrafiek is iets heel anders dan op een weekgrafiek. En omdat de indicator alleen op koersdata rust, mist hij elke context over het onderliggende bedrijf, het nieuws of de marktomstandigheden.

In Nederland en België vallen beleggingsproducten en beleggingsdiensten onder het toezicht van respectievelijk de AFM en de FSMA; consumenteninformatie in België loopt onder meer via Wikifin. Deze uitleg is educatief en geen beleggingsadvies (AFM/MAR): de RSI beschrijft koersmomentum en zegt op zichzelf niets over wat verstandig is om te doen.

Veelgestelde vragen over relative strength index

70 is de gangbare bovengrens voor "overbought": de stijgingen hebben de afgelopen periode sterk overheerst. Het is een beschrijving van het momentum, geen signaal dat de koers nu moet dalen.

Veertien handelsperiodes is de meest gebruikte instelling, vaak 14 dagen. Een kortere periode maakt de indicator gevoeliger en grilliger, een langere periode trager en vlakker.

Nee. De RSI kan in een sterke trend lang in het overbought- of oversold-gebied blijven hangen. Beleggers combineren hem doorgaans met andere informatie en gebruiken hem als één van meerdere puzzelstukken.

Divergentie ontstaat wanneer de koers een nieuwe top of bodem maakt, maar de RSI die niet bevestigt. Dat duidt erop dat het momentum achterloopt op de prijs en de beweging aan kracht verliest.

Kennischeck

Test je kennis

Beantwoord 5 korte vragen om deze les af te ronden.
Je hebt minstens 4 goede antwoorden nodig.

Bronnen

Relative Strength Index betekenis — Buy The Winners Academy